Les 6.3

Les Progress:

We gaan schrijven!

Lesdoel

Als het goed is heb jij de sticky notes uit 6.1 bewaard. Weet jij nog wel welk woord bij welk plaatje.

Jij hebt aan het einde van les 6.3 – daar waar nodig is – je visuals voorzien van begrippen en teksten, geschreven met duidelijke leesbare letters.

Jouw handschrift en blokletters. Deze twee lettertypes zijn goud waard. Hier hoef je niet bij na te denken waardoor je het snel kan toepassen. En hoort dit bij de stijl die je gaat ontwikkelen. Zie het als een eigen touch, jouw stempel op je werk. Toch heb ik nog een paar tips over de start, grootte, leesbaarheid en het schuin omlaag of omhoog schrijven. Dit doe ik in deze les allemaal met tekst en een paar tekeningen.

Leesbaarheid en oefening

Drie adviezen

  • Zorg dat op grote vellen papier de letters op een afstand van 3 meter nog leesbaar zijn. A4 en A3 heb je in je handen of ligt vaak vlakvoor je op tafel, dus kunnen de letters en cijfers daarop kleiner.
  • Let bij het recht schrijven op de een na laatste letter die je hebt geschreven. Niet op de laatste. Zo kan je de denkbeeldige schrijflijn beter vasthouden.
  • Recht schrijven op een bord bereik je door veel te oefenen. Doe wat ervaring op met een hangend whiteboard of een groot blad papier op het raam. Je ervaart dat je je arm niet makkelijk kan leunen en voelt je arm gauw zwaar aan, maar dat gaat echt wennen.

Grootte en breedte

7 aanwijzingen

  • Schrijf de titel het grootst.
  • Begrippen onder de visuals middelgroot.
  • Bijwoorden het kleinst.
  • Schrijf de u en de n los van elkaar als je geneigd bent deze wijd te schrijven.
  • Wees je er van bewust dat de cijfers 3, 5 en 8 bij het snelle schrijven veel op elkaar lijken.
  • Schrijf de lussen van de g, h, j, k, l niet te royaal
  • Gebruik blokletters consequent in woorden en zinnen. Dus een F en N en geen f en n.

Voorbereiding en afronding

3 tips

  • Schrijf na het tekenen de woorden niet meteen met stift op. Doe dit met potlood. Zo kan jij jouw begrippen nog vervangen als dat nodig is.
  • Schrijf de woorden eerst met potlood op omdat je dan ook de spelling van het lastige woord nog even kan checken.
  • Bedenk alvast dat je om je woorden en teksten in de volgende les kaders gaat plaatsen. Die containers.
  • Heb je toch nog een schrijffout gemaakt? Maak dan gebruik van een witte etiket (voor enveloppen). Het liefst met een blanco ondergrond. Als je dit over het woord plakt, kan je er zo overheen schrijven.

En dan de opdracht

Geen verrassing. Wij gaan de tekenplaat uit de vorige les voorzien van tekst. Nog een hint voordat jij aan de slag gaat. Als je teksten plaatst. Een volle zin of een paar zinnen. Zorg dat teksten niet te lang worden. Een begrip en een paar steekwoorden is oké. Tenzij je een quote gebruikt. Bekijk de ruimte die je hebt en pas daar je lettergrootte op aan. Daarom is het vooraf met potlood schrijven zo handig!